© LR DigiPhoto 2015

Kolibrievlinder, (Macroglossum stellatarum)                                       

Dongen, oktober 2004

De kolibrievlinder (Macroglossum stellatarum) is een dagactieve nachtvlinder uit de familie Sphingidae, de pijlstaarten.

Hij wordt ook wel Meekrapvlinder of Onrustvlinder genoemd.


De vlinder beschikt over een lange tong en is in staat om stil te hangen in de lucht bij een bloem tijdens het opslurpen van nectar. Omdat de kolibrie ook over deze eigenschappen beschikt, heeft deze vlinder de naam kolibrievlinder gekregen.

De spanwijdte is ongeveer 4 tot 6 centimeter. De voorvleugels zijn grijsbruin, de ondervleugels zijn oranjegeel.

Aan de brede staart zitten zwarte en witte plukken haar.

De vlinder kan vrijwel het gehele jaar worden waargenomen, maar vliegt vooral in augustus en september.

Het leefgebied strekt zich uit van Noord-Afrika, Europa en via China tot Japan. De vlinder is als trekvlinder in de Benelux regelmatig te zien. In de zomers van 2005 en 2006 is hij hier massaal waargenomen.

De tot 5 centimeter lange rups is groen of bruin met een witte en een gele streep van de kop tot de staart. Verder is hij met vele kleine stipjes overdekt. Zijn stekelpunt is geel. Hij leeft vooral van walstrosoorten, maar ook van meekrap (Rubia tinctorum), vandaar dat de vlinder ook wel meekrapvlinder genoemd wordt.

De cocon is geelbruin met een opvallende grote 'kop'.

Index. Index.